Een tijd van uitdagingen

Door Jan Peumans op 15 oktober 2014, over deze onderwerpen: Voorzitterschap

 Toespraak voor Business Club 2000Tienen

 

Dames en heren,
Beste bedrijfsleiders en ondernemers,

ik dank u van harte voor de uitnodiging om hier vanmorgen voor dit uitgelezen gezelschap te spreken over ondernemerschap en over wat de Vlaamse overheid op dat vlak voor u kan betekenen.

De rol van de Vlaamse overheid is
         1. het passende kader aanbieden
         2. de geschikte randvoorwaarden scheppen
         3. het goede beleid voeren.

We moeten ervoor zorgen  dat onze bedrijven in de best mogelijke omstandigheden kunnen ondernemen en gedijen. Ik kom daar straks op terug.

Ik weet dat een aantal economische parameters en onzekerheden tot voorzichtigheid nopen. De recente conjunctuurinschattingen zijn evenwel voorzichtig optimistisch, ook al blijft de groei onder de verwachtingen.

 

POSITIEVE TENDENSEN

 

● De SERV ontwaart een positief signaal in de bedrijfsdemografie.

         1. In het eerste kwartaal van 2014 zijn duidelijk meer bedrijven opgericht dan stopgezet, en dat voor het eerst sinds de wereldwijde crisis van 2008.

         2. Ook de bezetting van het productievermogen in de industrie is verbeterd in de eerste helft van 2014, wat in de regel een positieve indicator is voor economische groei in de nabije toekomst.

         3. De prille opleving van de Vlaamse economie blijkt ook uit de tewerkstellingscijfers, de beste sinds het derde kwartaal van 2011. Uit de driemaandelijkse rondvraag van uitzendgroep Manpower blijkt dat 5% van de Vlaamse werkgevers extra wil aanwerven tegenover slechts 1% dat wil ontslaan.     4. De trend is niet echt een verrassing: de VDAB signaleerde eind juli al een toename van het aantal vacatures met 23,5% in vergelijking met een jaar eerder.

 

MAAR

 

● Geen reden tot euforie echter, want eind augustus telde Vlaanderen nog
         * 248.511 werkzoekenden, 3% meer dan vorig jaar
         * of een werkloosheidsgraad van 8,37%.

Maar toch, er is een kentering ten goede.

Hoe pril het economisch herstel ook weze, ik laat me meevoeren door optimistische stromingen.

 

TOCH

 

 

● Laten we één ding vooral niet vergeten: Vlaanderen is een  prachtige deelstaat die alles in zich heeft om toonaangevend te zijn in Europa en in de wereld.

         1. Veel van onze ondernemers behoren tot de sterkste spelers op de wereldmarkt. Dankzij hen is Vlaanderen als kleine regio de 14de grootste uitvoerder ter wereld (294 miljard euro in 2013).

 

         2. Onze productiviteit behoort tot de wereldtop.

         3. Ook het World Economic Forum (WEF) looft ons voortreffelijk onderwijs- en opleidingssysteem, de hoog ontwikkelde en innovatieve ondernemingen en de hoge mate van technologische ontwikkelingen en digitalisering.

Vlaanderen is het meest bekabelde land  ter wereld. En  ons digitale netwerk wordt nog sneller en breder. De opwaardering van ons digitale netwerk is een belangrijke investering in de toekomst, zowel voor de particulier als voor de economie.  De uitbreiding creëert enorme mogelijkheden voor video over internet, videoconferenties, machine-to-machine communicatie, e-health, domoticatoepassingen, het monitoren van veiligheid enzovoort.

Digitalisering schept banen.  Veel banen zelfs, want 10% meer digitalisering in Vlaanderen zou 25.000 jobs opleveren.

Wij mogen trots zijn op wat Vlaanderen al verwezenlijkt heeft en wij willen dat zo houden. Wij willen allemaal een welvarend Vlaanderen waar het goed is om te wonen, te werken en te ondernemen. Dát is waar déze nieuwe coalitie en deze nieuwe Vlaamse regering voor heeft getekend. Díe handtekening moet zij nu waarmaken, dít engagement wil ze ook nakomen.

COMPLEXE UITDAGINGEN

We staan voor complexe uitdagingen:
1. Onze bedrijven concurreren in een steeds dynamischer wereldmarkt.
2. Ruimte nodig voor ondernemen (ook letterlijk: bedrijventerreinen)
3. De verkeerscongestie
4. Het activeren van mensen op de arbeidsmarkt
5. De vergrijzing
6. En de financiële armslag van de overheid is gering.

Hoe moeten we daar nu op inspelen? Het zeil strijken en in de kajuit gaan zitten en laten betijen?

Nee, de Vlaamse overheid duikt niet weg, maar pakt aan. Zij wil alle zeilen bijzetten om koers te houden opdat Vlaanderen zijn plaats in de top van de Europese Unie en de wereld nog verbetert.

 

OPLOSSINGEN

 

● Voor complexe problemen, dames en heren, bestaan geen eenvoudige oplossingen. We zullen dan ook drie soorten maatregelen tegelijkertijd moeten treffen:
         1. slim bezuinigen
         2. hervormen
         3. stimuleren en investeren.

De ambitie van deze Vlaamse regering reikt hoog: het regeerakkoord stelt  doelgericht investeren voorop. Welzijn en Economie en Innovatie springen daarbij het meest in het oog met een sterk groeipad. Op kruissnelheid, in 2019, krijgen deze twee domeinen een recurrente stroomstoot van elk 500 miljoen euro.

 

 

 

 

         1. SLIM BEZUINIGEN

Om dat te kunnen doen moeten we een begrotingsinspanning leveren.

De begroting van 2015 zal een inspanning doen van 1,160 miljard euro.
We zijn dat verplicht om drie redenen:
1. De saneringsbijdrage van de zesde staatshervorming: 755 miljoen euro
2. Lagere groeiverwachtingen, nog 1,5% in 2015 = 226 miljoen euro
3. Nieuwe Europese begrotingsregels voor PPS-projecten : weegt op de Vlaamse begroting voor maar liefst 700 miljoen euro.

Wie inspanningen vraagt, moet zelf het voorbeeld geven.
* 1.950 ambtenaren minder tegen 2019
* goed voor 100 miljoen euro minder uitgaven aan loon in 2019

Alle andere sectoren moeten ook inspanningen leveren: De Lijn, VRT, cultuursector, kinderopvang, hoger onderwijs….

 

         2. HERVORMEN

 

Wij willen ook bouwen aan een andere soort overheid. De Vlaamse regering mag niet langer keizer-koster spelen vanuit Brussel. De Vlaamse overheid maakt de omslag van betuttelen en controleren naar vertrouwen geven:

-meer vertrouwen in en verantwoordelijkheid voor onze ambtenaren;

-meer vertrouwen in en autonomie aan onze gemeenten, met naar het Scandinavische model meer bevoegdheden en autonomie voor onze grootste steden;

-meer vertrouwen ook in onze scholen, leerkrachten en directies. Aan de scholen zal de Vlaamse overheid meegeven wat leerlingen moeten kennen en kunnen en over welke attitudes ze moeten beschikken. We reiken hun daarvoor ook de nodige middelen aan. Scholen en leerkrachten beslissen zo veel mogelijk zelf over de wijze waarop ze die kennis en vaardigheden bij de leerlingen aanbrengen.

In de welzijnssector gelooft deze Vlaamse Regering in het sociaal ondernemerschap om zorg en hulpnoden in te vullen. We geven vertrouwen aan de partners die onze beleidsdoelstellingen helpen uitvoeren en we doen dit in het zogenoemde tripartiteoverleg volgens het VESOC-model (Vlaams Economisch Sociaal Overlegcomité) met primauteit van de politiek.

Het regeerakkoord geeft ook vertrouwen aan u, ondernemers, door uw bedrijven  maximaal te bevrijden van administratieve en andere lasten. De omgevingsvergunning is een belangrijke stap in de goede richting.

Volgend jaar integreren we de milieuvergunning en de stedenbouwkundige vergunning in één omgevingsvergunning. We verminderen de administratieve lasten en verhogen de efficiëntie door ook de socio-economische vergunning in de omgevingsvergunning in te passen. En de bevoegdheden ruimtelijke ordening en milieu worden samengebracht in één beleidsdomein omgeving.

 

         2.bis: HERVORMEN OP HET FEDERALE NIVEAU

 

● Deze Vlaamse regering zet volop in op de bevoegdheden die ze heeft, maar rekent er ook op dat het federale niveau zijn verantwoordelijkheid neemt voor het scheppen van een gunstig ondernemingsklimaat. In het federale regeerakkoord staan een aantal maatregelen opgesomd. Ik doe er een greep uit:

● Bestrijden loonhandicap

1. een indexsprong in 2015
2. de lastenverlaging vervat in het competitiviteitspact te vervroegen
3. een   verdere  periode  van   loonmatiging  in   2015-2016  (of  tot   zolang   de competitiviteit niet hersteld is)

● Modernisering arbeidsmarkt en loopbanen

onder   meer   een  flexibelere arbeidsorganisatie en arbeidstijd, zoals de annualisering van de arbeidstijd, deeltijds werken,  overuren en glijdende arbeidsuren.

● Banenplan

De regering zal in overleg met  de sociale  partners een  banenplan  uitwerken. Dat  zal zich onder meer richten op: lastenverlaging, levenslang leren,  werkervaring, jeugdwerkloosheid, langere  en meer  gevarieerde loopbanen  en  kansengroepen.

● Tijdskrediet en loopbaanonderbreking

De uitkering voor  het niet-gemotiveerd tijdskrediet en loopbaanonderbreking wordt geschrapt.

● Loopbaaneinde

Geleidelijke verhoging van de effectieve loopbaanduur, naar 45  jaar.

● Werkloosheid en gemeenschapsdienst

Langdurig werkzoekenden zullen twee halve dagen per week gemeenschapsdienst presteren.

         3. INVESTEREN EN STIMULEREN

 

Zoals ik al zei, wil deze Vlaamse regering in de eerste plaats investeren in onze economie. Tegen het einde van de bestuursperiode investeren wij 500 miljoen euro in innovatie, in onderzoek en ontwikkeling, kortweg in ondernemerschap. Zodat bedrijven, groot en klein, nu en in de toekomst kunnen groeien, mensen aan het werk houden en arbeidsplaatsen scheppen.

Daarom zet Vlaanderen deze regeerperiode resoluut in op de volgende vier speerpunten:

         1. een faciliterende, kaderscheppende overheid die niet alles tot in de kleinste details reguleert en ondernemingen om de haverklap met andere wet- en regelgeving opzadelt, maar een overheid die rechtszekerheid biedt en daardoor vertrouwen wekt en het ondernemen waardeert;

         2. een overheid die ondernemen eenvoudiger maakt, een overheid die  structuren en subsidiekanalen voor economie en innovatie rationaliseert en efficiënter maakt. Daartoe smelten we het  Agentschap voor Ondernemen en het IWT (Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie) samen tot één Agentschap voor Ondernemen en Innovatie (AOI).

We zorgen er tevens voor dat u als ondernemer aan één loket terecht kunt voor al uw vragen over ondernemen, innovatie, subsidies, financiering, groei en internationalisering.

Het nieuwe Agentschap voor Ondernemen en Innovatie, de Participatie Maatschappij Vlaanderen en Flanders Investment and Trade moeten ervoor zorgen dat  u het bos weer door de bomen ziet.

Initiatieven die goed werken, blijven we ondersteunen en uitbouwen. Initiatieven die niet goed werken of een te beperkte (economische) meerwaarde hebben, hervormen we of schaffen we af.

         3. We willen ten slotte inzetten op een overheid die mikt op bedrijfsgericht innoveren en valoriseren; het op de markt brengen van die innoverende processen of producten.

In onze grondstoffenarme regio waarin we het moeten hebben van onze grijze massa, moeten bedrijven innoveren, nieuwe of vernieuwde processen of producten op de markt brengen om in economisch moeilijke tijden te kunnen blijven groeien. Inzetten op technologie is daarbij van essentieel belang.

Wij zullen u bij die innovatie-inspanningen ondersteunen. Vlaanderen voorziet een groeipad voor onderzoek en ontwikkeling naar 3% van ons bbp. Tegen 2020 streven we naar 1% overheidsuitgaven waartegenover 2% onderzoeksmiddelen staan van de ondernemingen zelf.

Tegelijkertijd en minstens even belangrijk is de nauwere aansluiting van onze strategische onderzoekscentra - zoals het VITO en het VIB - bij het bedrijfsleven. Een nauwere samenwerking tussen deze sterke kennisinstellingen en ondernemingen moet resulteren in een ‘slimmere’, competitieve economie.

         4. Naast dit gericht onderzoek versterkt de Vlaamse regering ook de kennisbasis in Vlaanderen via het niet-gericht wetenschappelijk onderzoek. Fundamenteel wetenschappelijk onderzoek aan onze universiteiten en hogescholen levert immers vaak de basis voor toekomstige radicale doorbraken en economische omwentelingen. We willen daarom meer jongeren warm maken voor ons excellent wetenschappelijk, technologisch en wiskunde-onderwijs.

Het verheugt mij dat de ingenieursfaculteiten van de vijf Vlaamse universiteiten deze maand beginnen met de opleiding ‘innoverend ondernemen voor ingenieurs.’ In een postgraduaat leren 80 studenten hoe ze de kennis van hun ingenieursopleiding in de praktijk kunnen omzetten.

Twee derde van de opleiding wordt besteed aan de praktijk. Studenten kunnen meewerken aan een project in een onderneming, een teamproject opzetten of een eigen businessplan uittekenen. De rest van de opleiding bestaat uit vakken  innovatie, ondernemen of management. 65 van de 80 studenten kozen voor een teamproject, zoals de ontwikkeling van een energie-efficiënte auto.

Als Vlaamse overheid geven we deze opleiding een duwtje in de rug. Dankzij de steun van het Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie (IWT) betalen de studenten niet meer dan het inschrijvingsgeld voor een gewone masteropleiding.

 

KMO-BELEID

 

● Omdat industriële vernieuwing in belangrijke mate wordt gedragen door nieuwe en jonge bedrijven, moeten we de achterstand in innovatie bij de kleine en middelgrote ondernemingen aanpakken, hen beter begeleiden en de toegangsdrempel tot innovatiesteun verlagen.

Omdat onze Vlaamse economie uit een sterk kmo-weefsel bestaat, moeten we deze bedrijven, die niet altijd de tijd, het geld of de mankracht hebben om daar zelf voor in te staan, op een nog meer aangepaste manier ondersteunen en begeleiden. De nieuwe Vlaamse regering zal dat blijven doen in nauwe samenwerking met alle betrokken Vlaamse overheidsdiensten, onderzoekscentra en met de betrokken ondernemersorganisaties.

● Ondernemen is ook een kwestie van cultuur.

Ik verheug mij over het initiatief van de KU Leuven dat de ondernemingszin bij studenten wil aanwakkeren. Een ondernemersplatform (LCIE) Leuven Community for Innovation driven Entrepreneurship moet het aanspreekpunt vormen voor studenten met ondernemersambities. Ook een nieuw vakkenpakket over ondernemen moet studenten naar een eigen bedrijf leiden.

Ook het secundair onderwijs kan scholieren laten ‘proeven’ van de ondernemerswereld door meer aandacht te besteden aan bedrijfsbezoeken.

En ook de media zouden meer succesverhalen van bedrijven in binnen- en buitenland in de kijker kunnen stellen.

 

ARBEIDSMARKT: Minder doelgroepen

Onze Vlaamse regering wil binnen haar bevoegdheden de problemen op de arbeidsmarkt aanpakken.

1. Als we onze economie willen doen groeien en onze welvaart behouden, moeten we meer mensen aan het werk krijgen en op de arbeidsmarkt aanbod en vraag maximaal met elkaar verbinden. Daarom houden we onverkort vast aan de doelstelling om de werkzaamheidsgraad tegen 2020 op te trekken tot 76%.  Nu ligt die voor heel België op 67%, voor het Vlaams gewest op 71%.

Daartoe zullen we alle jonge werkzoekenden binnen vier maanden een aanbod op maat geven. (nu al 93%).

2. De activering van oudere werkzoekenden breiden we uit tot de leeftijd van 65 jaar en we scherpen de opvolging en controle van de beschikbaarheid van werklozen aan.

3. Van de overdracht van het doelgroepenbeleid naar Vlaanderen maken we gebruik om te wieden in het grote aantal doelgroepen. We beperken het aantal doelgroepen tot
         (1) jongeren
         (2) 55-plussers en
         (3) mensen met een arbeidshandicap .

Zo kunnen we doelgerichter de loonkosten van deze doelgroepen verlagen en hen zo meer kansen bieden op de arbeidsmarkt.

 

MENSEN VAN VREEMDE AFKOMST

Bijzondere aandacht en inspanningen zullen moeten gaan naar vreemdelingen. Met een werkzaamheidsgraad van 46% in Vlaanderen zitten niet-Belgen onder het EU-gemiddelde van 58%. Zij vormen een grote potentiële arbeidsreserve. Uiteraard moet ik voor dit publiek van ondernemers die ethisch ondernemen hoog in het vaandel voeren, niet zeggen dat discriminatie in deze verwerpelijk is.

Wij doen in ons onderwijs inspanningen om met  taalbaden en bijspijkerlessen het niveau van het Nederlands van nieuwkomers te verhogen. De VDAB zal hen ook beter monitoren en begeleiden. Door een betere kennis van het Nederlands te eisen in het Vlaamse  inburgeringstraject proberen wij nieuwkomers sneller te integreren in onze samenleving en ze ook beter inzetbaar te maken op de arbeidsmarkt.

Dit is het aanbod van Vlaanderen om de arbeidsmarkt te verbeteren. Maar we kunnen dit niet alleen. De Vlaamse overheid heeft uw medewerking nodig.

 

SAMENGEVAT

 

In opvolging van het Loopbaanakkoord zullen we met de sociale partners een Banenpact sluiten. Ik wil u oproepen om daar  constructief aan mee te werken. Ik weet dat u geen resultaat kunt garanderen, maar ik vraag u wel een inspanningsverbintenis.

We willen hiervoor samenwerken met alle werkgevers, sectoren en sectorale opleidingspartners. Daarom vraag ik u:

1. Biedt stageplaatsen aan in uw bedrijven.

2. Speel in op het ‘duaal leren’. Door onze nieuwe bevoegdheid ‘industrieel leerlingwezen’ willen we jongeren aantrekken die willen werken in uw bedrijf en terzelfder tijd ook nog willen studeren.

3. Zet ook in op het aanwerven van vreemdelingen en nieuwkomers.

 

 

 

Beste ondernemers,

Tijd om af te ronden. Ik heb er alle vertrouwen in dat Vlamingen begrijpen dat onze overheden niet méér kunnen blijven uitgeven dan er binnenkomt. En dat we tegelijkertijd moeten zorgen dat ondernemingen, dat uw bedrijven kunnen groeien.  Deze regering houdt van bedrijven die initiatief nemen, die duurzaam ondernemen en jobs en welvaart creëren.

De Vlaamse regering maakt duidelijke keuzes:

-zij kiest voor een actief en welvarend Vlaanderen;

-zij kiest voor een duurzaam ondernemend Vlaanderen;

-zij kiest voor een gezondheidszorg, onderwijs en geavanceerde bedrijven  die ook in de toekomst tot de beste ter wereld behoren. Een Vlaanderen om trots op te zijn. Dat bereiken we alleen als we samen alle zeilen bijzetten.

Samen kunnen we Vlaanderen economisch sterker en welvarender maken.

Daartoe kunt u alvast op uw Vlaamse overheid  rekenen.

Ik dank u voor uw aandacht.

Jan Peumans

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is