“Windmolens Oreye bewijzen nood aan Vlaams-Waals overleg"

Door Jan Peumans op 14 oktober 2015, over deze onderwerpen: Leefmilieu, Limburg

BRUSSEL – “Als we elkaar niet continu vliegen willen afvangen, moeten Vlaanderen en Wallonië op regelmatige basis overleggen”, dat zei Jan Peumans die minister Schauvliege in de commissie leefmilieu ondervroeg over de plaatsing van windmolens op de taalgrens nabij Oreye.

De Waalse Regering keurde op 11 juli 2013 het referentiekader voor de vestiging van windturbines in Wallonië voorlopig goed, nadat een milieueffectenrapport (MER) werd opgemaakt en nadat voorafgaand advies aan de Waalse gemeenten werd gevraagd. Binnen dit referentiekader worden de locaties opgelijst, die volgens de Waalse regering geschikt zijn voor de plaatsing van windmolens.

Conform de regelgeving heeft de Vlaamse Regering advies uitgebracht over dit ontwerp van referentiekader en over de bijhorende referentiekaart in het kader van het openbaar onderzoek.

“In 2013 gaf de Vlaamse Regering opmerkingen bij het referentiekader dat de Waalse regering hanteert bij de plaatsing van windmolens op de taalgrens. Tot op heden wordt er met die opmerkingen echter weinig rekening gehouden,” stelt Peumans vast. “Dit gebrek aan communicatie valt te betreuren.”.

WINDMOLENPROJECT OREYE

Een voorbeeld van deze gebrekkige communicatie is het nieuwe Waalse op te starten windmolenproject in Oreye (Oerle). In 2013 verwees de Vlaamse Regering in haar opmerkingen op het referentiekader reeds naar deze voorkeurszone. Ze bestempelde deze locatie als ongunstig wegens de nabijheid van de kernen van Tongeren en Horpmaal én omdat de streek omschreven staat als waardevol agrarisch gebied. Desondanks gaf het Agentschap Natuur & Bos recent toch een gunstig advies.

“Het is onbegrijpelijk dat Agentschap Natuur & Bos reeds een gunstig advies gegeven heeft voor dit project en dat terwijl de Vlaamse Regering in 2013 die gebied als ongunstig bestempelde. De minister moet dus dringend samenzitten met de administratie maar ook met het Waals gewest,” reageert Peumans verbaasd.

OPROEP TOT OVERLEG

Niet alleen inzake ruimtelijke ordening maar ook wat betreft leefmilieu en natuur worden de gewesten vaak geconfronteerd met gemeenschappelijke problemen. Dat is bijvoorbeeld het geval bij de vervuiling van de Maas.

“In Vlaanderen leven wij niet op eiland. Het is daarom essentieel dat wij op regelmatige basis in overleg gaan met onze collega’s in de andere gewesten. Ik roep de minister daarom op om proactief en constructief te werk te gaan bij de aanpak van grensoverschrijdende problematieken”, zo besluit Peumans. In de commissie gaf de minister alvast toe contact op te nemen met haar collega Carlo Di Antonio, Waals minister bevoegd voor ruimtelijke ordening en milieu.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is